De wetgever gaat ervan uit dat de echtgeno(o)t(e) of levenspartner van een zelfstandige meewerkende
echtgeno(o)t(e) is wanneer hij of zij:
effectief meehelpt in de zaak van de zelfstandige
en geen eigen inkomen heeft uit een andere beroepsactiviteit, noch een vervangingsinkomen dat recht
geeft op een volwaardige dekking in de sociale zekerheid